Delen?
Onderzoeker Marietje Beemsterboer van de Universiteit Leiden kent het basisonderwijs van binnen uit. Zij is leerkracht in het basisonderwijs en is bezig met haar promotie op de identiteit van islamitische basisscholen in Nederland. Als wetenschapper geeft haar dat een toegevoegde waarde.

Voor docenten in het basisonderwijs is de gemengde populatie van de scholen nog steeds een van de grote uitdagingen. Vooral als het gaat om religie hebben leerkrachten de neiging het gesprek erover uit de weg te gaan, constateert Beemsterboer. 'Handelingsverlegenheid', noemt de onderzoeker dit. De terughoudendheid om bepaalde zaken niet te benoemen. 

Onder moslims bestaat bijvoorbeeld een taboe op muziek of afbeeldingen van levende wezens. “In de strengere islamitische kringen zijn ouders daar huiverig voor, terwijl muziek en tekenen op de basisschool verplichte vakken zijn. Door kleine aanpassingen in het onderwijs of ouders van tevoren goed voor te lichten over de inhoud en bedoeling van de lessen, voorkom je volgens Beemsterboer al veel problemen. Door het gesprek aan te gaan, voelen islamitische ouders zich gehoord. “Op die manier kun je veel struikelblokken wegnemen. De opvoedingsidealen van islamitische ouders groeien heel langzaam toe naar die van autochtone of westerse ouders. Het verschil wordt steeds kleiner.” 

Benoemen en herkennen

Die taboes binnen de islamitische gemeenschap zouden bij alle basisscholen bekend moeten zijn, vindt Beemsterboer. Het benoemen en herkennen van lastige situaties kan namelijk op alle scholen veel onbegrip voorkomen. “Een kind dat jarig is en bij het uitdelen op school rekening houdt met de allergie van een medeleerling, is normaal. Maar zodra de traktatie halal moet zijn, is dat opeens een probleem. Of een kind dat vanuit medische overwegingen met zijn onderbroek aan doucht, vindt niemand gek. Maar als een islamitische jongen dat doet, is het opeens eng. Het religieuze aspect is hier blijkbaar een struikelblok. Pas als leerkrachten daarover nadenken en het gevoel benoemen wat erbij hoort, kunnen ze het probleem oplossen.” 

Islamitische basisscholen kennen die gevoeligheden. De vertrouwde omgeving en het gevoel van veiligheid voor het kind zijn vaak bij ouders toegevoegde waarden van islamitisch onderwijs. Bovendien doet de kwaliteit van de meeste islamitische scholen niet onder voor de meeste scholen in de buurt. De eerste islamitische scholen waren nog erg gericht op de uiterlijkheden van religie. Leerlingen moesten vooral laten zien een 'goede' moslim te zijn, en zich gedragen naar de voorschriften van de islam. 

Dat is de afgelopen jaren sterk veranderd. Vooral omdat de ouders zelf daarom vragen. De huidige islamitische scholen respecteren de islamitische achtergrond van hun leerlingen en bereiden de kinderen voor op een toekomst in Nederland. “We willen het alleen niet horen”, zegt Beemsterboer. “In het debat gaat het altijd alleen over orthodox-islamitische scholen. Maar die vormen een uitzondering.” 

Het belangrijkste is dat de discussie over islamitisch onderwijs wordt gevoerd op basis van valide argumenten, aldus Beemsterboer.

Het heeft dertig jaar geduurd, maar voor het eerst sinds de eerste islamitische basisscholen in 1988 in Nederland hun deuren openden, heeft een wetenschapper toegang gekregen. Promovenda Marietje Beemsterboer kreeg van 19 van de in totaal 52 instellingen toestemming om onderzoek te doen. Overal zag ze dezelfde discussiepunten voorbij komen. „Je zult het niet geloven, maar nagellak is een terugkerend onderwerp.” Interview in de Telegraaf (21-07-2018)
De Aboe Da’oed Basisschool, in 1993 de eerste Utrechtse islamitische school, wil ook een vestiging openen in Vinexwijk Leidsche Rijn. Reportage in de Volkskrant met onder anderen Marietje Beemsterboer (04-07-2018)
Islamitische basisscholen dragen bij aan integratie van moslims in Nederland, concludeert Marietje Beemsterboer in haar promotieonderzoek. Het is voor islamitische ouders belangrijk dat hun kind goed wordt voorbereid op de relatief seculiere samenleving én tegelijkertijd godsdienstige waarden meekrijgt. Een interview met het Nederlands Dagblad. (12-06-2018)
Nederland telt 52 islamitische basisscholen. Sinds de oprichting van het islamitisch basisonderwijs in 1988 zijn ze een bron van discussie en er bestaan ook veel vooroordelen over. Marietje Beemsterboer heeft onderzoek gedaan naar de islamitische basisscholen en promoveert daarop aan de Universiteit Leiden. Beluister het interview. (12-06-2018) 
Islamitische basisscholen hebben de afgelopen dertig jaar een grote ontwikkeling doorgemaakt, maar het debat over hun plek in de Nederlandse samenleving is goeddeels hetzelfde gebleven. Maar, zegt basisschooldocent en religieonderzoeker Marietje Beemsterboer, islamcritici kijken nooit naar hoe het werkelijk op zulke scholen toegaat. Interview in het Leidsch Dagblad (12-06-2018)
Op islamitische basisscholen, benadrukt promovendus Marietje Beemsterboer (32), gaan veel dingen hetzelfde als op andere scholen. „Je treft er herkenbare situaties. Kinderen die op het plein naar je toe komen: ‘Juf, ik heb een knikker gevonden!’” De heftige emoties over islamitisch onderwijs, zegt ze, komen wat dat betreft niet altijd overeen met de realiteit. Interview met NRC (12-06-2018)